De Dubois herfstlezing

De Dubois herfstlezing door Ernst Homburg, Em. Hoogleraar geschiedenis van wetenschap en techniek, op zondag 22 september 2019 om 11.00 uur in de kapel van het Ursulinenconvent te Eijsden, met als titel: Het wetenschappelijk Umfeld van de jonge Eugène Dubois.

Over de natuurwetenschappelijke inspiratiebronnen van Eugène Dubois (1858-1940) in de jaren voorafgaande aan zijn vertrek naar Indië, in 1887, is redelijk wat bekend. In de eerste plaats was er de invloed van zijn vader die in zijn apotheek in Eijsden de mogelijkheid bood scheikundige proefjes te doen en die met zijn zoon het veld in ging op zoek naar kruiden en fossielen.

In de tweede plaats waren er de leraren van de Rijks-HBS in Roermond die een grote bron van inspiratie bleken. En ten derde was er de invloed vanuit Belgische milieus, via het onderzoek van De Puydt op de hellingen van het Savelsbos, en zijn vriendschap met de Graaf de Geloes (1856-1930).

In de lezing zullen deze drie invloeden op de jonge Dubois in een lange-termijn-kader worden geplaatst. Vergeleken bij Noord-Nederland was Zuid-Limburg een laatkomer op natuurhistorisch gebied. Vanaf ongeveer 1750 ontstond er echter in en rond Maastricht steeds meer belangstelling voor onderzoek naar fossielen in de Sint-Pietersberg, later ook uitgebreid met botanisch onderzoek. Een mijlpaal was de oprichting van de Société des Amis des Sciences, Lettres et Arts de Maestricht, kort na 1820, waarbinnen zich veel liefhebbers van natuuronderzoek verenigden, waaronder vele apothekers. Via mensen als Dumoulin, Franquinet en Bosquet werkte die invloed door tot in de jaren 1850 en 1860.

De tweede majeure invloed was de Wet op het Middelbaar Onderwijs van Thorbecke uit 1863, die de basis vormde voor de oprichting van de Rijks-HBS in Roermond. Deze Wet leidde tot een “Tweede Gouden Eeuw” in Nederland op het gebied van de wetenschappen, waarvan ook Dubois zelf een eminent voorbeeld is. Betoogd zal worden dat het Atheneum van Maastricht een cruciale voorbeeldrol vervulde bij de totstandkoming van die Wet.

Hoewel deze twee factoren onmiskenbaar de grootste invloed hebben gehad op de wetenschappelijke vorming van Dubois zal aan het slot van de lezing ook worden ingegaan op de nauwe banden die er vanaf de jaren 1840 bestonden tussen het natuuronderzoek in Zuid-Limburg en het wetenschappelijk onderzoek in Luik en omgeving. Mede daardoor koos Dubois een weg die afweek van wat in Noord-Nederland gebruikelijk was.

De  lezing vindt plaats om 11.00 uur in de kapel van het Ursulinenconvent, Breusterstraat 27 te Eijsden.